woensdag 12 juni 2024

Pluralisme

Democratie gaat over pluralisme. Over het besef dat ieder volk bestaat uit veel verschillende individuen, groepen en categorieën die allemaal een stem willen hebben. Mensen met verschillende belangen, verschillende perspectieven, verschillende overtuigingen, verschillende normen. Er is niet één waarheid en één gelijk, en er is ook niet één meerderheid. Wat een meerderheid van al die verschillende mensen wil, vindt of nodig heeft kan van dag tot dag variëren en daarmee varieert ook steeds de samenstelling van ‘de meerderheid’.

Als je gelooft dat er één statische meerderheid bestaat die over alles hetzelfde denkt, dan heb je geen democratie meer nodig. Dan kan die meerderheid door een leider worden vertegenwoordigd die heel goed kan verwoorden wat de meerderheid wil. Of dan verdeel je het volk in twee vrij statische blokken die als tegenstanders tegenover elkaar staan, wij en zij.

Maar als je je realiseert dat er sprake is van pluralisme, van diversiteit, en dus van voortdurende veranderingen, dan heb je niet alleen vertegenwoordiging nodig maar ook coalitievorming – steeds probeert iedereen anderen ervan te overtuigen om samen een meerderheid te vormen. Daar heb je debat voor nodig. Vandaar het belang van de democratische rechten van meningsuiting, vergadering, informatie. Vandaar de inrichting van stemprocessen, zowel voor het kiezen van vertegenwoordigers als voor de besluitvorming. En vandaar het grote belang van oppositie en van fatsoenlijke omgangsvormen. Van gedeelde normen over politiek. Volksvertegenwoordigers moeten de gelegenheid krijgen om te overtuigen en om zich te laten overtuigen.

zondag 5 mei 2024

Gemeenschappelijk

Vrouwen vormen geen gemeenschap. We verschillen op elke denkbare dimensie en we verschillen vooral van mening. Alleen medisch kan het wel eens handig zijn om vrouwen als categorie te beschouwen en van mannen te onderscheiden.
Precies hetzelfde geldt voor homos en heteros. Voor zwarten en witten. Voor joden en arabieren. Er zijn geen 'gemeenschappen' van alle mensen met eenzelfde aangeboren kenmerk. Pas als er gemeenschappelijke vijanden zijn; seksisten of racisten, delen we iets gemeenschappelijks. Gediscrimineerd worden maakt solidair.

Het praten in termen van 'gemeenschap' als het eigenlijk gaat om kenmerken die er in een democratie niet toe doen hangt logisch samen met de identiteitsmode. Mensen vinden niet meer vanalles en het gaat niet meer over belangen en perspectieven, mensen zijn tegenwoordig iets. Keurig onderverdeeld in talloze bubbeltjes waar ze hun hoogst unieke combinatie van kenmerken toevallig delen met enkele al even hoogst unieke anderen. Uniek willen zijn is trouwens een ouderwets streven, moderne mensen willen zich met gelijksoortigen identificeren. En alleen met anderen die net zo zijn als zijzelf kunnen ze solidair zijn.

maandag 11 maart 2024

Der Hauptmann

Gisteren zag ik Der Hauptmann van Schwentke. Ik dacht eigenlijk dat het gruwelijke verhaal een soort parabel was, waarmee de ijzersterke film duidelijk maakt hoe oorlog tot absurde anarchie leidt en mensenlevens volstrekt waardeloos maakt. Hoe de verwarring en angst ertoe leiden dat de brutalen de hele wereld hebben. Hoe elke vorm van moraliteit dodelijke zwakte is.

Maar Willi Herold heeft niet alleen echt bestaan, de film vertelt ook echt zijn verhaal. Hij heeft een officiersuniform aangetrokken en hij is met een bende van losgeslagen soldaten moordend door Duitsland getrokken. Soms is de werkelijkheid inderdaad ongeloofwaardiger dan fictie.

Alleen, het enge van de film is dat het nou juist niet ongeloofwaardig is. Ik moest denken aan de Wagnergroep, en aan de bloeddorst in Tigrai. Oorlog is een toestand van straffeloosheid en dat biedt vooral kansen aan wie gewetenloos en gewelddadig is. De alomtegenwoordige angst en ellende maken dat er alleen met cynisme en opportunisme te overleven is.

Er zijn figuren die oorlog romantiseren, hetzij omdat ze verlangen naar de kameraadschap van mannen die samen doodsangsten uitstaan, hetzij omdat ze geloven dat oorlog corruptie en onrecht uitwist. Deze film laat zien dat het precies andersom is en dat er absoluut niets positiefs uit oorlog voortkomt. Zelfs geen lessen die daadwerkelijk geleerd zijn.

zondag 3 maart 2024

Zieke gebouwen

Zo mogelijk nog deprimerender dan ons zwartgeverfde kantoor waar alle inspiratie en creativiteit uit ons gedrukt wordt, is een Amerikaans winkelcentrum op zondagochtend. Het gebouw is misselijkmakend lelijk en gigantisch. Door de warmte en harde muzak schakelen alle hersenfuncties af. Op elke hoek zijn twee flappentappen en overal zijn bankjes - alles om mensen ertoe te bewegen zo lang mogelijk in deze verstikkende omgeving rond te dwalen. Bijna alle winkels zijn met rolluiken afgesloten maar er wandelen echtparen en de alcoholist uit mijn straat rond. Ik moet een ingredient voor m'n etentje vanavond halen en dat betekent zoeken langs kilometers schappen waar van elk product minstens twintig merken staan uitgestald.
Naar lucht snakkend bereik ik de draaideur. Welke overheid heeft dit in vredesnaam goedgekeurd?

dinsdag 27 februari 2024

Goed nadenken

Opnieuw had ik een fittie op facebook over wat waar is. Iemand postte de mededeling dat ‘mainstream media’ ons enkel leugens voorschotelen. Ik vroeg hem hoe hij waarheid en leugen van elkaar onderscheidde, en kreeg als antwoord dat hij veel ‘onderzoek’ deed (hij bedoelde dat hij veel las denk ik) en dat hij ‘nadacht’. Op mijn reactie dat veel mensen dat doen en dan toch verschillende conclusies trekken, en dat ik mij daarom afvroeg welke aanvullende indicatoren hij gebruikte, bleef het stil.

Maar ik bleef er wel over doorpiekeren, ook niet voor het eerst. Welke indicatoren gebruik ik zelf om te bepalen of iets waar of niet waar is? Het gaat duidelijk in de eerste plaats om de afzender en de vraag of ik daar vertrouwen in heb. Maar ja, waar is dat vertrouwen dan weer op gebaseerd? Het helpt als ik een bepaald verhaal op meerdere plaatsen tegenkom maar ja, wie zegt dat het niet om slim ingestoken nepnieuws en echokamers gaat? Ik beoordeel of een bericht plausibel is, maar het is wel de vraag of ik de benodigde expertise heb om zo’n beoordeling te maken. Als laatste gebruik ik mijn intuitie om te zien, om te voelen, of een bericht de bedoeling heeft om iets of iemand verdacht te maken of om verontwaardiging of walging op te roepen. Maar wanneer zijn mijn emotionele reacties de kwade intentie van een afzender, en wanneer gaat het gewoon om menselijke reacties op akelig nieuws?

Kortom, geen andere kaders of indicatoren dan die iedereen gebruikt. Het is ook zeer de vraag of ik slimmer of beter geinformeerd ben dan anderen waardoor ik beter weet wat waar is en wat niet. Zo ben ik weer terug bij af.

Ik geloof mijn facebookkennis niet en de redactie van mijn krant wel. Daardoor heb ik een iets optimistischer wereldbeeld dan hij. Maar we vliegen allebei in dezelfde lucht en we worden daar allebei net zo gelukkig van. We blijven in gesprek.

donderdag 8 februari 2024

Dierenbescherming

PETA, de permanent hysterische fondsenwerver voor heel zielige dieren, maakt bezwaar tegen hobbelpaardjes. Tere kinderzieltjes raken volkomen verpest door ervaringen waarin zij plastic kermisbeesten als gebruiksvoorwerp leren zien. Een professor in de dier-mens relatiekunde onderschrijft dat. Hij ziet eigenlijk geen verschil tussen een draaimolen met dierfiguren en racistische stereotypen.

Rechts kan hier nog jaren mee vooruit. Of paarden en pony's gediend zijn met een kuisere opvoeding van de volgende generatie valt te bezien, maar voor BBB is het zo wel heel eenvoudig om stemmen te trekken. Vertel provinciaal Nederland dat we van de veganistische wolvenknuffelaars de Donald Duck niet meer mogen lezen en ze eisen massaal respect voor de oer-Nederlandse identiteit van gehaktballen en damhertjes.

dinsdag 6 februari 2024

Weer die boeren

Ik groeide op onder de walm van legbatterijen en varkensstallen. Waar de boeren de gemeenteraad domineerden, waar de schoolmeester-annex-bankier ouders via hun kinderen onder druk zette en waar de pastoor een demonstratie op touw zette om te voorkomen dat er een crèche in ons huis werd ingericht. Boeren herkende je aan hun dikke mercedessen en hun grote valse waakhonden aan veel te korte kettingen. Ze hadden ook geweren.

Eerst waren er nog korenvelden en kleine akkertjes tussen de weilanden, maar tegen de tijd dat ik naar de middelbare school fietste waren er enkel nog mais en bieten. En altijd waren de boeren de baas.

Daar begreep ik als kind niks van, want die boeren hadden werkelijk niets wat hen superieur maakte. ’s Zondags na de kerk zaten ze in het dorpscafé te roken en drinken. Met carnaval bemanden ze de prinsenwagen. Af en toe viel er een boerenzoon van een trekker en die verloor dan z’n been. Boeren waren spreekwoordelijk reactionair en door geen jongere serieus genomen.

Ik begrijp het nog steeds niet, al zijn de traktoren groter en de acties extremer. Zijn wij nou werkelijk collectief zó bangelijk dat we elke asbestfik interpreteren als een teken dat ‘de mensen niet gehoord zijn’ en dat we al mea culpa roepend schielijk het beleid voor het welzijn van heel Nederland maar weer intrekken?

Ook als het niet zozeer om intimidatie maar om identiteit en nostalgie gaat vind ik het onbegrijpelijk. Zo cool zijn industriële veeboeren toch niet? Ze nemen ons alle recreatieruimte en natuur af, ze worden over onze ruggen rijk, ze geven ons stank, Q-koorts en Parkinson. Ze vergiftigen onze groenten en ze vervoeren dieren in benauwde veewagens naar Italië.

Waarom laten politici zo hun oren hangen naar terreurboeren? Waarom slepen politieagenten hen niet aan hun haren van de snelweg af?