vrijdag 29 juli 2022

John Gray, The soul of the marionette; A short enquiry into human freedom

Wat een fijn boekje over het leven dat lijden is en over de schijn van vrije wil. Aan de hand van een nogal eclectische literatuurlijst deelt Gray zijn gedachten over the human condition. Van begin tot eind herkenbaar, maar daarom niet minder interessant. Hij raakt een paar keer aan de vraag of materie ‘echt’ is of juist het geestelijke, maar hij gaat er niet echt op in. Het materiele, de natuur, is wel dat wat lijden met zich meebrengt. Pijn, verlies, dood, hebzucht, geweld. En er is geen ontsnappen aan mogelijk, we zitten er in gevangen, dus ‘vrijheid’ bestaat niet. Al helemaal niet bij wezens met (zelf)bewustzijn zoals wij.

Maar de twee waarheden waar het wat mij betreft echt om gaat, zijn aan de ene kant het besef dat de mens niet het centrum of het doel van alles is maar integendeel een toevallige soort die z’n eigen leefomgeving en z’n eigen soort voor zichzelf onleefbaar maakt. En aan de andere kant het innerlijke conflict, de systematische tegenstellingen in individuele mensen, de mens als soort en in de belevingswereld van mensen. Goed en kwaad zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, kalmte en ambitie, genot en pijn. Juist doordat het leven eindig is en de mens nietig en onbetekenend leven en denken we vanuit onszelf en in de illusie dat alles om ons draait, alsof we het complete universum zijn. “What seems to be singularly human is not consciousness or free will but inner conflict – the contending impulses that divide us from ourselves. No other animal seeks the satisfaction of its desires and at the same time curses them as evil; spends its life terrified of death while being ready to die in order to preserve an image of itself; kills its own species for the sake of dreams.”

Gray besteedt veel aandacht aan de notie van ‘betere’ mensen, ‘hogere’ beschavingen, vooruitgang. Sinds mensen zijn ontstaan hebben ze gemoord en verkracht in naam van heiligheid en utopia. Idealen hebben mensen tot zelfopoffering gebracht. Mensen kunnen niet tegen zinloosheid. Betekenis is belangrijker dan het leven. Religies en wetenschap, kennis, geven houvast en de illusie van controle. Maar “nothing can protect humans from fate”.

Tegen de dreiging van het noodlot helpt alleen orde, overzichtelijkheid, zekerheid. Mensenn creeren een fantasiewereld, en leveren hun vrijheid en privacy in, om zich maar vooral niet overgeleverd te voelen aan de natuur waarin zij, en hun geluk of verdriet, er volstrekt niet toe doen. Of het nou om complottheorieen gaat of om roem, macht en bezit, we proberen uit alle macht het toeval te bezweren. “Near-ubiquitous technological monitoring is a consequence of the decline of cohesive societies that has occurred alongside the rising demand for individual freedom.” Over de surveillancestaat schrijft Gray dat the worst fear [of the inmates of the Panopticon] may be of being forced to leave.

zaterdag 23 juli 2022

Arenz, Der grosse Sommer


In tijden niet meer zo genoten van zo'n goed geschreven boek. Het gaat over de eerste verliefdheid, vriendschap en eenzaamheid, herexamens, ontdekken dat volwassenen hun eigen verhaal hebben en enorme fouten maken. Kortom opgroeien. En dat in het Duitsland van begin jaren '80, toen reizen nog bijzonder was en toen je alleen nog contact kon opnemen met je leeftijdsgenoten door langs te fietsen of in een telefooncel te bellen of een brief te schrijven. De ik-persoon is een doodnormale jongen met z'n onluikende politieke bewustzijn en z'n onzekerheden, z'n aardigheid en z'n romantische beleving. Al lezend herbeleef je je eigen tienertijd. Ik kon de geuren van een zomervakantie bijna weer ruiken. De landerigheid en de rare invallen, stoer doen en doodsbang om exposed te worden als je iets helemaal fout had gedaan. Maar ook de volwassenen waar je gelukkig toch nog op terug kon vallen en de veiligheid van het minderjarig zijn.

woensdag 6 juli 2022

De Dijn, Vrijheid; Een woelige geschiedenis

 

Concepten als vrijheid, veiligheid, gezondheid en duurzaamheid zijn op maatschappelijk niveau wat geluk en liefde op het persoonlijke zijn: mooie dingen om naar te streven maar geen praktische beleidsdoelen. Al worden ze wel zo misbruikt door de moderne overheid die niet alleen wil beschermen, voorkómen en beperken maar vooral ook waarden wil vermeerderen. Wat ik levensgevaarlijk vind want daar krijg je autoritaire neigingen van: eerst gaan we inkaderen en definiëren en operationaliseren wat vrijheid eigenlijk exact is en meteen maar ook wie dan vrij moeten zijn en o ja welke bedreigingen er zijn. Om vervolgens maatregelen te nemen en keurig de effectiviteit in termen van toegenomen vrijheid te meten. Of veiligheid. We houden niet van minder, we willen met beleid vooral meer.

Maar volgens mij zijn vrijheid, veiligheid, duurzaamheid idealen en dat is toch echt iets anders dan beleidsdoelen. Veiligheid is iets van de afwezigheid van gevaar en dreiging. Vrijheid heeft te maken met niet-onderdrukt worden, niet-belemmerd. Dat kan je wel vorm geven en dat is volgens mij waar het boek van Annelien de Dijn eigenlijk echt over gaat.

De Dijn beschrijft de ideeëngeschiedenis rond vrijheid, en dat doet ze aan de hand van het discours door de eeuwen heen over de voorwaarden voor vrijheid. Dat verschuift van zelfbestuur via democratie naar liberalisme. Voor De Dijn, historica, is het een conceptuele verschuiving maar ik denk eigenlijk dat er meer aan de hand was. Er is geleerd.

Het ligt best voor de hand dat het idee van zelfbestuur uiteindelijk tot democratie leidt, tot een vorm van bestuur door volksvertegenwoordigers en de gedachte dat ‘het volk’ het beste gerepresenteerd kan worden door middel van meerderheden. Voordehandliggend, maar niet onproblematisch omdat ‘het volk’ divers is en er dus altijd minderheden zullen zijn, die zich in een democratie moeten onderwerpen aan de wil van de meerderheid. Dat is niet erg vrij in welke betekenis van De Dijn dan ook: minderheden hebben het stuur niet in handen dus ze zijn niet echt vrij door zelfbestuur, en als het tegenzit belemmert de meerderheid ook hun ‘burgerlijke’ vrijheid, de gelegenheid om zelf te bepalen wat je doet en laat.

Democratie kan dus net zo goed tot onderdrukking en beperking leiden, tot grote onvrijheid en dat hadden die contrarevolutionairen en liberalen goed door. Het was ook moeilijk te missen na de terreur van de Franse revolutie. Vandaar de combinatie van democratie met beperking van de macht door het recht, zowel in procedurele en institutionele zin (wie kan en mag wat wel en niet doen) en door de vaststelling van fundamentele, individuele, onvervreemdbare rechten.