vrijdag 6 januari 2023

Taalzuivering

Sommige dingen mag je niet zeggen omdat je ze niet mag denken. Logisch dat slachtoffers van discriminatie de taal willen zuiveren, maar ik heb het er toch moeilijk mee. Ik denk aan boekverbrandingen, aan 1984, aan Rusland en Hongarije - taal zuiveren is censuur is inperking van ideevorming. Stel je voor dat woorden als vrouw, meisje, dame, niet langer acceptabel zijn omdat onze sekse nog steeds niet voor vol wordt aangezien. Dat je verplicht ‘genderneutraal’ moet praten, denken, zijn.

Als je negatieve connotaties van benamingen wil bestrijden moet je de haat tegen categorieën van mensen bestrijden. Er is maar één uitweg: universele rechten, gelijkwaardig burgerschap. Dat moeten we onze kinderen, buren, vrienden bijbrengen en daar moeten we onze politici op afrekenen. Dat is echt iets anders dan mensen cancellen omdat ze een onwelgevoeglijk woord hebben gebruikt. Als ze een woord maar niet op een onwelgevoeglijke manier gebruiken.

Dat wil niet zeggen dat er geen grenzen aan de uitingsvrijheid zouden moeten zijn natuurlijk. Dreigen, lasteren en haatzaaien zijn evident verboden en dat is maar goed ook. Ingewikkelder wordt liegen, want wie bepaalt wat waar is en wat een leugen? Ook lastig vind ik nog altijd reclame: waarom mag alles uit de kast worden gehaald om mensen te verleiden tot onverstandig en maatschappelijk onwenselijk gedrag?

Helemaal moeilijk zijn de insinuaties, suggestieve toespelingen en hondefluitjes van extremisten. Wilders was er twintig jaar geleden de enige meester in, ondertussen hebben alle populisten van links tot rechts hun lesjes opgestoken van Amerikaanse en Russische leermeesters. Met halve waarheden, uit de context getrokken beelden, provocaties en fascistische symboliek communiceren ze in oppervlakkig gezien keurig Nederlands. Je kan naziteksten op de Erasmusbrug projecteren en mensen snappen niet wat er racistisch aan is.

Geen idee hoe we daar tegen op zouden kunnen treden zonder de uitingsvrijheid te beschadigen. Ik heb dringend verschillende opinies en visies nodig om mij een mening te vormen.

maandag 2 januari 2023

Algemeen belang

Er bestaat niet meer zoiets als het algemeen belang. Er zijn alleen nog verzamelingen individuele eisen. “Ik wil” en “ze moeten”. Klassebewustzijn is vervangen door etnische identiteit. Collectieve belangen zijn vervangen door marktwerking. Naastenliefde en barmhartigheid zijn vervangen door celebrityverering. En de sociale media beloven iedereen z’n eigen succes, fifteen minutes of fame, in de vorm van volgers en likes.

Regeringen die idealen hebben vervangen door de belofte van instant bevrediging aan zoveel mogelijk individuele kiezers, omdat ‘maakbaarheid’ een scheldwoord is geworden, laten bescherming na. Ze behartigen alleen nog maar belangen, en dat alleen nog maar van winnaars. Verliezers beschermen is paternalistisch.

Ik hoop op volksvertegenwoordigers die heel paternalistisch met burgers in gesprek gaan over het algemeen belang. Wat is dat volgens hen? En Hoe zou het algemeen belang volgens Nederlanders het beste behartigd worden? Laat Kamerleden zich opwerpen als gespreksleider, laat ze geinteresseerd naar burgers luisteren en hen kritisch bevragen en eerlijk vertellen wat hun eigen opvattingen zijn. Zodat ze het volk kunnen vertegenwoordigen.

zondag 1 januari 2023

Gelukkig nieuwjaar

Het nieuwe jaar zal net zo vol angst, zorgen, woede en spijt worden als het vorige. Misschien nog wel meer. De oorlogen in Oekraine en Jemen zijn nog niet voorbij, vluchtelingen worden nog altijd zoveel mogelijk gepest, de schade van een decennium kabinetten-Rutte is nog niet hersteld, boeren en wappies blijven schelden en dreigen en alle wegbermen liggen nog net zo vol blikjes en plastic als altijd. Maar om middernacht werden al die boze geesten voor even weggeknald. Met champagne en zoenen en spelletjes en opgewonden verwondering over prachtig vuurwerk kon je niet anders dan op de jaarwisseling optimistisch het volgende jaar in te vieren. Ieder jaar opnieuw starten we vol goede moed en dat zullen we nodig hebben ook.

woensdag 21 december 2022

Onafhankelijkheid en vertrouwen

De meeste Nederlanders hebben vrij veel vertrouwen. Geen wonder, want we leven in een bijzonder prettig land waar relatief weinig criminaliteit, corruptie en uitbuiting is. Maar het wantrouwen groeit wel, tegen alles en iedereen met macht of gezag.

Weinig vertrouwen is doorgaans een impliciet geloof dat er een verborgen agenda is, dat er andere belangen worden behartigd dan die waarvoor een autoriteit staat. Van het drukken van kosten en het extra verkopen van je producten, tot het plegen van landverraad. Gelukkig hebben we toezichthouders die namens ons toetsen of instanties wel eerlijk zijn.

Wat ik nou gek vind is dat steeds meer wantrouwen zich tegen de overheid richt. In een heel aardig functionerende democratie! De overheid is bij uitstek de instantie die door of namens ons allemaal wordt gecontroleerd. Bovendien wordt de overheid niet alleen door democratisch gekozen volksvertegenwoordigers gecontroleerd maar ook door het recht, door de journalistiek, door actiegroepen en ngo’s, door de wetenschap en de ene publieke instantie controleert ook nog eens de andere.

Logisch dat we onafhankelijke journalisten en onafhankelijke wetenschappers willen. We willen niet dat dergelijke ‘truth sayers’ particuliere belangen behartigen zonder dat wij daar erg in hebben. Neutraliteit en daarmee objectiviteit kan gecompromitteerd raken als professionals afhankelijk zijn van een bedrijf of een belangengroep.

Maar ‘onafhankelijke’ publieke organen, dat is raar. Dan wil je dus overheidsorganisaties onttrekken aan democratische controle, kennelijk omdat je weinig vertrouwen hebt in het functioneren van die democratie.

Als nou publieke organisaties zelf ook nog eens een groot nummer maken van hun ‘onafhankelijkheid’ jegens ‘de overheid’ of jegens een minister of ministerie, bevestigen ze in feite dat die overheid niet te vertrouwen is. Dat de overheid een verborgen agenda heeft die niet overeenstemt met de democratische agenda die op basis van verkiezingen tot stand is gekomen.

Hoe harder publieke instanties zoals toezichthouders zich afzetten tegen de rest van de overheid, hoe meer zij het publiek vertrouwen ondermijnen.