woensdag 8 september 2010

Burgers en politiek

Politicologische poësie, te mooi om niet te kopiëren.

Schumpeter (1943): "In de psyche van de gemiddelde burger staan de grote politieke kwesties in het algemeen op één lijn met de vrijetijdsbestedingen die niet tot hobbies zijn uitgegroeid en met de onderwerpen waarover zonder enig verantwoordelijkheidsbesef kan worden geconverseerd. (...) De gemiddelde burger valt dan ook, zodra hij zich op politiek terrein gaat bewegen, terug tot lagere geestelijke prestaties (...) Hij betoogt en analyseert op een wijze die hij binnen de sfeer van zijn werkelijke belangen als infantiel zou beschouwen. Zijn denken wordt associatief en met emoties doortrokken."

Lippmann (1927): "the private citizen today has come to feel rather like a dead spectator in the back row, who ought to keep his mind on the mystery off there, but cannot quite manage to keep awake. He knows he is somehow affected by what is going on. Rules and regulations continually, taxes annually and wars occasionally remind him that he is being swept along by great drifts of circumstance. Yet these public affairs are in no convincing way his affairs. They are for the most part invisible. They are managed, if they are managed at all, at distant centers, from behind the scenes, by unnamed powers. As a private person he does not know for certain what is going on, or who is doing it, or where he is being carried (...) In the cold light of experience he knows that his sovereignty is a fiction. He reigns in theory, but in fact he does not govern."
(aangehaald door Tiemeijer 2006)

dinsdag 7 september 2010

Handtekening

Wat is een handtekening waard, als die onder druk of dwang wordt geplaatst? Er zijn meer vormen van druk dan een pistool tegen je hoofd. Dreiging met ontslag, het niet verkrijgen van een product of algemeen gebruikt softwareprogramma, of het niet mee mogen doen met een wedstrijd, als je niet allerlei verklaringen tekent, zetten je net zo goed onder druk. Hoe reëel is het om uit te gaan van vrije en vrijwillige ondertekening, als de ondertekenaar geen alternatief heeft? Als de schade die hij leidt door niet te tekenen, disproportioneel ernstig is?
Als ik na betaling van enige honderden euros en een reis van 1500 km uitgesloten word van competitie, omdat ik niet wens te verklaren dat mijn toestel aan allerlei nieuwe eisen voldoet, of omdat ik niet wil ondertekenen dat ik nooit iemand aansprakelijk zal stellen voor wat dan ook, voel ik me niet bezwaard om iets te tekenen waarvan ik vermoed dat het niet waar is. Als ik m’n kantoor niet meer in kom en aldus niet langer in staat ben om m’n werk te doen, omdat ik weiger te ondertekenen dat mijn complete personeelsdossier gekoppeld mag worden aan m’n toegangspas, kies ik eieren voor m’n geld en ga ik onder protest akkoord. De minister concludeert dan dat de vrijwillige deelname overweldigend is en dat er blijkbaar maar weinig mensen behoefte hebben aan hun privacy. Zo is het makkelijk om op de instemming van grote aantallen te rekenen.

maandag 6 september 2010

Column Bas Heijne in NRC 6 september: Wie populisme niet snapt, verliest het debat

Bas Heijne stelt ons (linkse opgeleiden met een goeie baan) voor als wereldvreemde hypocrieten zonder begrip voor de leefwereld van ‘gewone’ mensen. Wij zouden geen passie hebben en geen drama. Dat is natuurlijk onzin (overdrijving genoeg? Kan ik beter ‘achterlijke onzin’ schrijven?). Onze passie uit zich alleen niet in scheldkannonades, onze dramatiek is niet gericht op zoveel mogelijk applaus.
Ik geloof met een passie in individuele vrijheden in de rechtsstaat, in sociale zorg en in beschaving en ontwikkeling. Ik wil leven in een land waar mensen elkaar met respect benaderen, waar voorkomendheid en hoffelijkheid de norm zijn. Waar schelden en liegen niet worden gewaardeerd en waar politici serieus worden genomen als ze bereid zijn naar anderen te luisteren. Waar debat een strijd met argumenten is en de winnaar degene die het best overtuigt.
Zo’n beschaafd, rijk land waar het prettig leven is, waar iedereen kansen heeft en waar iedereen zelf kan bepalen wat hij gelooft, hoe hij eruit ziet, met wie hij omgaat en waar hij van geniet, eist politieke gelijkheid. Alle burgers zijn gelijk voor de wet. Alleen daarmee is er ruimte voor diversiteit, voor verschillen tussen mensen zonder dat verschil in zichzelf leidt tot conflict en strijd. Diversiteit kleurt onze samenleving, biedt ons allemaal de gelegenheid om te kiezen, oms ons eigen leven heel individueel in te richten. Als een machthebber – of dat nou Wilders is of de regering, een veiligheidsdienst of de schreeuwende meerderheid – voorschrijft wat wel, en wat niet een acceptabele leefstijl is, heeft niemand een keuze meer. Ook niet degenen die met de macht meelopen; zij worden alleen niet geconfronteerd met hun onvrijheid omdat ze al bij default voldoen aan de voorschriften.

Meneer Heijne, u vergist zich. Bullies kan je niet adequaat bestrijden door harder te schreeuwen dan zij. En behoudende burgers zijn wel degelijk bevlogen. Het ontzet zijn over de rechtse stormram waarmee op de geciviliseerde wereld wordt ingebeukt is inderdaad niet effectief, maar het is een emotie die voortkomt uit een diep beleefde overtuiging. U zou ons zinvol advies moeten geven, zodat we eindelijk eens een begin kunnen maken met het verdedigen van de waarden waar wíj in geloven.

woensdag 1 september 2010

Luie journalisten

Gisteren voor het eerst in lange tijd weer eens het acht-uur-journaal gezien. Wat een non-informatie! Zoethoudertje van luie minkukels voor luie minkukels. Er is iets te zien waar enige beweging in zit, namelijk een meneer die met een microfoon in z’n hand van z’n linker op z’n rechterbeen hupst en interessantdoenerig weet dat ook politici naar de wc gaan. Er is geluid: presentator en ‘journalist’ kwaken met elkaar over het feit dat het allemaal enorm spannend is, zonder ook maar iets los te laten dat in de verste verte op nieuws of informatie lijkt. Twintig minuten lang! Is het gek dat we met z’n allen dommer worden?
Op radio 1 is het al niet veel beter. Zuchtend over het meel in de mond van politici draaien interviewers hun riedeltje af: Verhagen wil niks loslaten, Klink zegt niks, guttegut wat zijn die politici toch weinig open. Ze hebben op de school voor journalistiek kennelijk niet geleerd dat onderhandelaars weinig zullen zeggen middenin de onderhandelingen. Ze vragen niet naar de bottomline van Verhagen, naar de inhoudelijke inzet van Klink, de prioriteiten van Rutten. Geen journalist kruipt door dakgoten en stegen om Wilders te confronteren met zijn bijdrage aan de kabinetsformatie.

Politici schuiven alle maatschappelijke onvrede door naar de ambtenarij, journalisten presenteren politici als waardeloze figuren, het wordt tijd dat burgers de journalistiek eens de maat gaan nemen. We willen niet geamuseerd worden, we willen informatie!

maandag 12 juli 2010

Ambtenaar

Ik wilde altijd al ambtenaar worden. Vooral uit tegendraadsheid natuurlijk, er was geen beroep zo onhip als ambtenaar dus dat leek mij wel geinig. Maar serieuzer: om het bijdragen aan het publiek belang. Om mee te doen met een prettig draaiende samenleving, om een steentje bij te dragen aan zoveel mogelijk geluk. Heel erg groot, en heel erg klein tegelijk. Dat het groots, ambitieus, misschien wel pretentieus is, dat is evident. Het kleine, dat is voor moderne carrièrejagers, prima donna’s, bekende Nederlanders en bazen niet goed te begrijpen.
Een samenleving als de onze kan alleen zo vredig en welvarend zijn met behulp van een overheid. Geen machines, maar mensen, een paar duizend mensen, vormen samen het apparaat dat een essentiële component van de samenleving is. Juist het ambtelijk apparaat functioneert bij de gratie van talloze anonieme medewerkers die ieder een heel klein deelrolletje spelen. Ze zijn allemaal individueel nog misbaar ook. Het verdwijnen van een functie uit het ambtelijk apparaat is als een slag met vlindervleugeltjes, onmerkbaarder dan een zucht.
Daar moet je tegen kunnen, onbelangrijk en anoniem zijn. Het is dezelfde paradox als die van verkiezingen: één stem op de tien miljoen is onbetekenend, heeft één-tien-miljoenste invloed. Maar het is wel essentieel dat tien miljoen mensen allemaal hun stem uitbrengen, en het kan leiden tot politieke aardverschuivingen.
Ik hou van het kleine, en van mijn plaats in die paradox. Als ik vanaf nu alleen nog maar uit het raam ga kijken zal het geen Nederlander opvallen dat het overheidsbeleid ineens anders uitpakt. Maar ik kijk niet uit het raam, ik stel m’n domme vragen aan collega’s en ik strooi eens een verslagje rond. Ik voel me als een tuinman die ergens een handje zaden werpt, hier wat onkruid uittrekt en daar wat mest bijschoffelt. Een mooie tuin is niet mijn verdienste, de planten groeien toch echt zelf en worden gevoed door regen en grond die ik niet geleverd heb. Toch ben ik er trots op. Maar net als een trotse tuinman hoeft ook een ambtenaar niet op het podium te worden toegejuicht. Daar hebben we politici voor.

kat

vanmorgen had ik de deuren tegen elkaar open gezet om het huis een beetje door te luchten. Een kat struinde door de gang, wierp een hautaine blik op mij en verdween de straat in.

zaterdag 3 juli 2010

Reunie

Tijdens de reunie van de zeeverkennertjes, na 28 jaar, bedenk ik dat je hele repertoire aan relaties waarschijnlijk op die leeftijd ontstaan is. De onweerstaanbaarheid van een man waar ik nu voor val, zie ik terug in de blik van het jochie dat toen zo spannend was. De liefdevolle kordaatheid van een vrouw waar ik me een jongere zus van voel, in de gebaren van een leidster die ik toen blindelings vertrouwde.
Na al die schoolklassen, clubs, oud-collega’s, vliegmaten zie ik bijna alleen nog maar look-a-likes. Sympathie is gebaseerd op een gelijkenis met een vriendje van dertien, verwantschap op de motoriek van een ander.

Wat waren die verkennertjes geweldig! We waren ruig, ongedisciplineerd, zochten altijd de grenzen op en gingen daar flink overheen. Ik denk nu dat we daardoor op een heel acceptabele manier onze puberteit door konden komen. De leiding durfde ons forse risico’s te laten nemen, vonden een balans tussen kaderen en loslaten. Tja we zijn bijna allemaal gaan roken in die tijd, gebruikten vanalles wat niet gezond voor ons was, braken af en toe eens een botje of hielden er hier en daar een litteken aan over. Terugkijkend naar de foto’s van ontgroeningen en kampvuren vol oliedrums snappen we nauwelijks dat er nooit doden zijn gevallen. Maar wij zijn niet in het gareel gedwongen, wij hebben voor het gareel gekozen.