maandag 27 oktober 2014

Terreur

Niet elke gek die met een bijl zwaaiend “God is groot” roept is een jihadist. En niet elke strijd is moslimterrorisme. Ik hoor al jaren van ‘strijd tegen kanker’, ‘strijd tegen armoede’, innerlijke strijd, schoolstrijd en bloed aan de muur in bestuurskamers. Mijn naam verwijst naar strijd en oorlog, maar eigenlijk ben ik een conflictmijdend meisje. Jihad betekent strijd, en toen ik me lang geleden in de islam verdiepte kwam ik interpretaties tegen van het begrip jihad, en de verplichting om ‘jihad te voeren’, die vooral veel leken op gebed en meditatie, op het overwinnen van de duivel in jezelf, op het zuiveren van je eigen geest. Dat neemt niet weg dat er ook gewoon de platte interpretatie was van het ter hand nemen van zwaarden en andere wapens, en met geweld het ware geloof afdwingen. Een beetje zoals de kruisvaarders, inquisitie en imperialisten de oproep tot het brengen van de blijde boodschap interpreteerden.
Maar daar gaat het me niet om. Het gaat om onze collectieve neurose om elke gestoorde aandachtzoeker maximaal te bevredigen door wereldwijd nieuwsbulletins te onderbreken, militairen in te zetten, wetten aan te scherpen en complete bevolkingsgroepen te strippen van hun burgerrechten zodra een idioot, geïnspireerd door cartoons van Wicky de Viking en new age gezangen van salafisten, zich al schietend stekend en gillend voor de camera’s stort. Als ie maar niet vergeet om Allah aan te roepen tijdens z’n grote optreden, het moet wel een beetje geloofwaardig zijn nietwaar. Aansluiten bij de heersende overtuiging dus, het beeld dat islam en grotesk geweld één op één met elkaar verbonden zijn.

Als wij niet in staat zijn het onderscheid te maken tussen berekenende, systematische killers met een politiek doel en de slimheid om aan de middelen te komen om hun doel te bereiken, psychiatrische probleemgevallen, en de categorie lone wolves a la Breivik, Van der Graaf en Mohamed B. zullen we ze niet erg effectief kunnen bestrijden. Alledrie de soorten griezels niet.

Wat we nu doen is bommen gooien op de psychiatrische gevallen, die eigenlijk hulp nodig hadden, en veilige sociale werkplaatsen. De bommen ontploffen in het gezicht van iedereen die op hen lijkt, dankzij het terzijde schuiven van recht op privacy, gelijkheidsideologie en onschuldpresumptie. Met strenge passagierscontrole, visaweigeringen, stoere agenten in militaire outfit en wetgeving die voorbereidingshandelingen strafbaar stelt maken we onszelf minder vrij. Terreur: het werkt.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten