interessant onderzoek: http://healthland.time.com/2011/08/30/the-http://www.blogger.com/img/blank.gif
zondag 4 september 2011
zondag 7 augustus 2011
Siep Stuurman, De uitvinding van de mensheid
Geweldig boek over de ideeëngeschiedenis van de gelijkheid van mensen. Filosofen, religieuze denkers, politieke schrijvers die door de eeuwen heen het mens-concept ontwikkelen, een universele betekenis aan menselijkheid geven, en daarmee gelijkheid tussen alle mensen introduceren.
Het is een behoorlijk dik boek en dat schrikt af, maar er staat geen woord in dat niet de moeite waard is. Over hoe de klassieke Grieken, Chinezen en moslims de wereld zagen vanuit het perspectief waarin hun eigen groep centraal stond, en anderen vreemde talen spraken en vreemde gebruiken hadden. Toch kregen Herodotus, Ssu-ma ch’ien en Ibn Khaldun het voor elkaar om hun eigen cultuur te relativeren, en zichzelf als mensen temidden van andere mensen te beschouwen.
Dan via de bezetting van Amerika, en de confrontatie met volkeren die voor de Europeanen vreemder waren dan wat ze ooit hadden gezien, de uitroeiing van de Indianen en de slavernij van negers, naar het verzinsel van het wetenschappelijk racisme. Vervolgens de tweede wereldoorlog en de universele verklaring van de rechten van de mens, die door alle landen is ondertekend en waarin de gelijkheid van mensen, ongeacht hun huidskleur, geslacht, geloof of taal centraal staat.
Het meest interessant vond ik de spanningen die Stuurman laat zien binnen de logica van de monotheïstische godsdiensten, en later weer binnen de logica van de liberale Verlichtingsidealen. In beide gevallen is er een claim op universele waarheid, en dus gelijkheid, maar in beide gevallen impliceert dat wel dat de eigen waarheid ‘hoger’ is dan die van ‘anderen’. Verrassend genoeg ziet Stuurman juist een oplossing in het cultuurrelativisme, waarschijnlijk omdat hij zich wat minder druk maakt om het individu. Waar hij het recht om anders te zijn toepast op culturen, blijft onduidelijk in hoeverre individuen binnen hun cultuur mogen afwijken.
Zie ook dit mooie filmpje over empathie.
Het is een behoorlijk dik boek en dat schrikt af, maar er staat geen woord in dat niet de moeite waard is. Over hoe de klassieke Grieken, Chinezen en moslims de wereld zagen vanuit het perspectief waarin hun eigen groep centraal stond, en anderen vreemde talen spraken en vreemde gebruiken hadden. Toch kregen Herodotus, Ssu-ma ch’ien en Ibn Khaldun het voor elkaar om hun eigen cultuur te relativeren, en zichzelf als mensen temidden van andere mensen te beschouwen.
Dan via de bezetting van Amerika, en de confrontatie met volkeren die voor de Europeanen vreemder waren dan wat ze ooit hadden gezien, de uitroeiing van de Indianen en de slavernij van negers, naar het verzinsel van het wetenschappelijk racisme. Vervolgens de tweede wereldoorlog en de universele verklaring van de rechten van de mens, die door alle landen is ondertekend en waarin de gelijkheid van mensen, ongeacht hun huidskleur, geslacht, geloof of taal centraal staat.
Het meest interessant vond ik de spanningen die Stuurman laat zien binnen de logica van de monotheïstische godsdiensten, en later weer binnen de logica van de liberale Verlichtingsidealen. In beide gevallen is er een claim op universele waarheid, en dus gelijkheid, maar in beide gevallen impliceert dat wel dat de eigen waarheid ‘hoger’ is dan die van ‘anderen’. Verrassend genoeg ziet Stuurman juist een oplossing in het cultuurrelativisme, waarschijnlijk omdat hij zich wat minder druk maakt om het individu. Waar hij het recht om anders te zijn toepast op culturen, blijft onduidelijk in hoeverre individuen binnen hun cultuur mogen afwijken.
Zie ook dit mooie filmpje over empathie.
vrijdag 5 augustus 2011
Discriminatie
Het is altijd weer verrassend hoe makkelijk racisme en seksisme is, de vanzelfsprekende aanname van gedrags- en moraliteitsverschillen op basis van uiterlijkheden. En het is iedere keer weer verbijsterend om te merken hoe verongelijkt ‘witte’ mannen zijn over hun vermeende discriminatie, als gevolg van emancipatoire inspanningen. Vrouwen krijgen voorrang, zijn mannenhaters, eisen veel meer rechten op dan mannen ooit gehad hebben. Buitenlanders zijn dom, lui en oneerlijk, moslims zijn ondemocratisch. Het rolt eruit alsof het onbetwistbare waarheden zijn.
Ik heb net een wereldkampioenschap meegemaakt met meer dan honderdvijftig mannen die zichzelf allemaal als ‘wit’ of ‘blank’ zouden beschouwen, met allemaal Christelijke, Europese, voorouders, op de enkele Israeli na dan. De uiterlijke en persoonlijkheidsverschillen tussen die honderdvijftig zijn gigantisch. Toch vinden veel van hen niet-blanken, vrouwen en moslims veel anderser dan dat ze onderlinge verschillen zien. En och wat hebben ze het toch zwaar tegenover die grote boze massa van emanciperende anderen. Niemand bedenkt hoe bevoorrecht z’n eigen positie is, hoe totaal hun gebrek aan ervaring met discriminatie is. Heel naar, dat soort kinderachtige onzin.
Ik heb net een wereldkampioenschap meegemaakt met meer dan honderdvijftig mannen die zichzelf allemaal als ‘wit’ of ‘blank’ zouden beschouwen, met allemaal Christelijke, Europese, voorouders, op de enkele Israeli na dan. De uiterlijke en persoonlijkheidsverschillen tussen die honderdvijftig zijn gigantisch. Toch vinden veel van hen niet-blanken, vrouwen en moslims veel anderser dan dat ze onderlinge verschillen zien. En och wat hebben ze het toch zwaar tegenover die grote boze massa van emanciperende anderen. Niemand bedenkt hoe bevoorrecht z’n eigen positie is, hoe totaal hun gebrek aan ervaring met discriminatie is. Heel naar, dat soort kinderachtige onzin.
zaterdag 16 juli 2011
C.J. Cherryh, The chronicles of Morgaine
Lekker, in geen tijden meer een dikke vette fantasy gelezen. Het is er eentje van Joop, de parapenteschoolhouder uit Greifenburg, en ik ben blij dat ik deze uit z’n voor-de-liefhebber-doos heb gevist. Dom amusement, verslavende onzin, niet eens zo slecht. Het haalt het niet bij Tolkien, niets haalt het bij Tolkien vrees ik, maar het verhaal zit goed in elkaar en de taal is uitstekend. Het is natuurlijk ook gruwelijk simplistisch, zoals iedere fantasy. Ras tegen ras, je ziet meteen aan iemands uiterlijk hoe ie is en wat ie kan. En iedere gemeenschap heeft altijd een koning, of een Raad van Wijze Ouderlingen, en dan toch nog een AllerWijsteOud type. Ydillische dorpjes in het groen met Amish-achtige boerse levenswijzen zijn Goed, en technologisch al te geavanceerde stedelingen hebben het vreselijk Mis.
Maar dat neemt allemaal niet weg dat het lekker lezen is. Hopelijk kan ik het ruilen tegen een sf die ik nog niet ken, of desnoods een Scandinavische detective.
Maar dat neemt allemaal niet weg dat het lekker lezen is. Hopelijk kan ik het ruilen tegen een sf die ik nog niet ken, of desnoods een Scandinavische detective.
woensdag 6 juli 2011
Stéphane Hessel, Indignez vous!
Heel bijzonder natuurlijk, dat een man van 93 zich druk maakt om de toestand in de wereld en oproept om geen genoegen te nemen met ongelijkheid, onderdrukking, onrecht en obsceen winstbejag. Voor mij was het een nieuwe gedachte, dat het Franse verzet tegen de nazis gebaseerd was op verontwaardiging. Hessel hoopt dat de strijd van toen niet voor niks gestreden is, dat het verzet erfgenamen heeft.
Het geeft hoop, als iemand die helemaal aan het eind van zijn bestaan is, de moeite neemt om de wereld nog te verbeteren. Het sterkste is nog wel dat Hessel alles wat er mis is niet als aanleiding geeft om te wanhopen, maar oproept tot actie vanuit verontwaardiging. Woede! Verzet! Daar is niets hopeloos aan.
Het geeft hoop, als iemand die helemaal aan het eind van zijn bestaan is, de moeite neemt om de wereld nog te verbeteren. Het sterkste is nog wel dat Hessel alles wat er mis is niet als aanleiding geeft om te wanhopen, maar oproept tot actie vanuit verontwaardiging. Woede! Verzet! Daar is niets hopeloos aan.
zondag 3 juli 2011
Limburgse schuttersfeesten
Mooie dag voor een beetje jeugdsentiment. Al was ik er na deze dag ook wel weer helemaal overheen voor de komende twintig jaar, ik was even vergeten wat eenhttp://www.blogger.com/img/blank.gif hekel ik aan Limburg heb maar nu weet ik het weer. Dat komt eigenlijk niet door het schuttersfeest, dat was gewoon leuk, aandoenlijk, feestelijk, gemoedelijk. Maar de lelijke huizen, de depressie die me beving door de fotoos van Ballen, het dialect dat mij buitensluit, de varkensstallen en legbatterijen.
vrijdag 1 juli 2011
Typisch Nederlands
Mijn waarden en vooral mijn normen zijn heel anders dan die van minister Donner, dan die van Wilders of die van Roemer. En van nog wel zo’n vijftien, zestien miljoen andere Nederlanders. Toch ben ik net zo Nederlands als zij, zijn zij net zo Nederlands als ik. Ons Nederlander-zijn wordt niet bepaald door onze waarden of normen.
Wat weer wel typisch Nederlands is, is dat ik het niet pik dat iemand anders gaat verzinnen aan welke eisen ik zou moeten voldoen om een ‘echte Nederlander’ te mogen zijn. Zijn ze helemaal gek geworden daar in Den Haag? Als een stelletje amateur-filosofen proberen de parlementariërs de checklist van Neerlands glorie vast te stellen. Dan heb ik ook nog wel een duit voor in het zakje, ook weer zo’n typisch Nederlandse gewoonte trouwens.
Typisch Nederlands heeft helemaal niks met waarden te maken, want die zijn of zo universeel dat ze geen relatie hebben met onze nationale identiteit (vrijheid, gelijkheid, broederschap), of zo particulier dat ze nou juist de pluriformiteit van onze samenleving zichtbaar maken (liefde, geld, presteren, geloof… het hangt maar van je opvoeding af welke waarden je belangrijk vindt).
Typisch Nederlands gaat over smaak en stijl. De onbehouwen lompheid die kenmerkend is voor Nederlanders, en ook de duidelijke directheid. Aardappelen en buitenlandse reizen maken. Allergie voor hierarchie, zelfvoldaan, no nonsense en liever praktisch dan esthetisch. Gemoedelijke desinteresse voor andermans gewoonten. Fietsen. Het vingertje van Sire.
Gelukkig ververst en verfrist zo’n nationale identiteit, dankzij die reizen naar het buitenland waar we collectief van leren, dankzij nieuws en kunst en commercials uit andere landen, dankzij immigranten en communicatie via internet. Jee wat ben ik toch blij dat Nederland er niet meer hetzelfde uitziet als vijftig jaar geleden. Spruitjes zijn vervangen door shoarma, we picknicken niet langer en in plaats van naar de mis en oma gaan we op zondag wandelen of naar de film.
Wat zou moeten blijven, een norm die voor sommige ouderwetse Nederlanders nog steeds geldt, is leven en laten leven. Dàt was onze wereldberoemde tolerantie. Als u in een zwart pak in de kerk gaat zitten, prima, laat die Turkse families lekker thee drinken op de boulevard in hun gekke jurken en ik fiets nog een rondje met m’n korte broek en rugzakje. Ieder z’n ding.
Wat weer wel typisch Nederlands is, is dat ik het niet pik dat iemand anders gaat verzinnen aan welke eisen ik zou moeten voldoen om een ‘echte Nederlander’ te mogen zijn. Zijn ze helemaal gek geworden daar in Den Haag? Als een stelletje amateur-filosofen proberen de parlementariërs de checklist van Neerlands glorie vast te stellen. Dan heb ik ook nog wel een duit voor in het zakje, ook weer zo’n typisch Nederlandse gewoonte trouwens.
Typisch Nederlands heeft helemaal niks met waarden te maken, want die zijn of zo universeel dat ze geen relatie hebben met onze nationale identiteit (vrijheid, gelijkheid, broederschap), of zo particulier dat ze nou juist de pluriformiteit van onze samenleving zichtbaar maken (liefde, geld, presteren, geloof… het hangt maar van je opvoeding af welke waarden je belangrijk vindt).
Typisch Nederlands gaat over smaak en stijl. De onbehouwen lompheid die kenmerkend is voor Nederlanders, en ook de duidelijke directheid. Aardappelen en buitenlandse reizen maken. Allergie voor hierarchie, zelfvoldaan, no nonsense en liever praktisch dan esthetisch. Gemoedelijke desinteresse voor andermans gewoonten. Fietsen. Het vingertje van Sire.
Gelukkig ververst en verfrist zo’n nationale identiteit, dankzij die reizen naar het buitenland waar we collectief van leren, dankzij nieuws en kunst en commercials uit andere landen, dankzij immigranten en communicatie via internet. Jee wat ben ik toch blij dat Nederland er niet meer hetzelfde uitziet als vijftig jaar geleden. Spruitjes zijn vervangen door shoarma, we picknicken niet langer en in plaats van naar de mis en oma gaan we op zondag wandelen of naar de film.
Wat zou moeten blijven, een norm die voor sommige ouderwetse Nederlanders nog steeds geldt, is leven en laten leven. Dàt was onze wereldberoemde tolerantie. Als u in een zwart pak in de kerk gaat zitten, prima, laat die Turkse families lekker thee drinken op de boulevard in hun gekke jurken en ik fiets nog een rondje met m’n korte broek en rugzakje. Ieder z’n ding.
Abonneren op:
Posts (Atom)